De naam Persephone

Persephone is de dochter van Demeter, de godin van de vruchtbaarheid. Demeter hield veel van haar dochter en waakte over haar als een moederkloek. Maar toch werd Persephone ontvoerd, toen ze bloemen plukte in het veld. Hades (Pluto), de god van de onderwereld en heerser over de doden, kwam met paard en wagen uit een kloof in de schoot van de aarde en trok haar op zijn wagen. Persephone riep om hulp, maar het mocht niet baten: ze verdween met hem in de duisternis.
Hades nam Persephone tot zijn vrouw. Zij leefde met hem in de onderwereld. In die tijd had zij contact met veel geesten en schimmen.
Demeter was diep verdrietig. Ze zwierf wanhopig de aarde rond om haar dochter te vinden. In haar treurnis over het verlies bracht ze een dorre winter op aarde en veel mensen leden hongersnood. Toen het al te erg werd gebood Zeus zijn broer Hades om Persephone naar haar moeder terug te brengen.
Dit gebeurde, maar Persephone had juist die dag 6 granaatappelpitten gegeten; symbool voor het huwelijk. Voor elke pit die ze gegeten had moest Persephone een maand naar de onderwereld terugkeren. Op die manier is het geregeld dat Persephone een deel van het jaar bij haar moeder en de hemelse goden kon verblijven en de rest van het jaar in de onderwereld. Dit verklaart de seizoenen op de wereld, omdat Demeter het elke keer winter laat worden als haar dochter weer weggaat.

Persephone staat symbool voor de mens die door een diep dal gaat. Van ieder wordt hierbij contemplatie en innerlijke kracht gevraagd. Persephone laat ons zien dat ieder door zijn eigen diepte heen kan gaan en van daaruit nog sterker het licht tegemoet kan treden om leven te geven aan de verdorde aarde.



Terugkeer van Persephone uit de hel naar de wereld, begeleid door Hermes
Sir Frederick Leighton 1891